Straffen vs Belonen

Nu we weten dat honden niet bezig zijn met domineren en dat honden leren door middel van resources en leerervaringen komen we aan bij het volgende vraagstuk; Hoe moet het dan wel? Over dit vraagstuk zijn de meningen nog steeds verdeeld. In dit hoofdstuk gaan we in op het bekrachtigen, dan wel corrigeren van de hond. Belangrijk om te weten is dat bij bekrachtiging het gedrag toeneemt, terwijl het doel van een correctie is dat het gedrag afneemt. Let op, ik zeg ´het doel van de correctie.´ Verderop in dit hoofdstuk zul je begrijpen waarom ik dit benadruk.

Vormen van straf

Laten we eerst eens kijken naar welke vormen straffen er zijn. Bij straffen, ofwel corrigeren, denken we snel aan het fysiek straffen van de hond. Dit is inderdaad één van de vormen van straf; het toedienen van iets onaangenaams. We noemen dit een positieve correctie. Daarnaast is er echter nog een tweede manier van straffen. En dat is het wegnemen van iets dat de hond prettig vindt. Dit kun je bijvoorbeeld doen door de hond weg te halen uit een situatie, de zogenaamde time out. Dit noemen we een negatieve correctie.

Het doel van beide vormen is over het algemeen hetzelfde; gedrag laten afnemen. Laten we nu eens kijken naar het effect van beide vormen.

Positieve correctie

Bij de positieve correctie zorgen we er voor dat de hond zich onaangenaam voelt. Dit kan door het fysiek straffen, zoals een ruk aan de lijn, het grijpen in de nekvel of het uitdelen van een tik. Het gebruiken van de positieve correctie zou in theorie kunnen leiden tot afname van het ongewenste gedrag. Op deze manier straffen is echter niet gemakkelijk en wordt vaak op de verkeerde manier gedaan. De meest voorkomende fouten zijn:

–          Te vaak en te zacht straffen, waardoor de hond went aan de straf. De straf wordt namelijk geleidelijk in intensiteit opgevoerd, omdat de hond in eerste instantie niet reageert.

–          Te hard straffen. Dit kan leiden tot agressief en/of angstig gedrag. Door de angst die de hond voelt op het moment van de correctie, kan het zijn dat hij uit zelfbehoud agressie in zal zetten. Door vaak hard te straffen, groeit de angst voor de persoon en wordt de kans op angst agressie steeds groter.

–          Plaatsgebonden straffen; hiermee creëer je dat een hond angst krijgt voor die plaats en die plaats zal willen mijden. ( bedenk even hoe het voor de hond zal zijn als dit in huis zou gebeuren )

–          Op een verkeerde manier straffen. Als je al straft moet de straf wel in verhouding zijn tot het vergrijp en om effectief te kunnen straffen, moet je in staat zijn om je hond goed te kunnen lezen.

–          Verkeerde timing. Honden zijn niet in staat om te beseffen welk gedrag wij ongewenst vinden. Het enige dat zij doen is het koppelen van bepaalde omgevingsfactoren aan het krijgen van straf. Op het moment dat je hond de kamer verbouwd heeft en een uur later kom jij hier achter, kun je de hond hier niet voor straffen. Hij zal niet beseffen dat hij de veroorzaker is geweest van de vernielde stoel. Hij koppelt enkel de vernielde stoel en jouw reactie aan elkaar.Hetzelfde geldt voor plassen in huis. Honden die gestraft zijn voor plassen in huis, zullen ook in elkaar duiken als er een plasje water op de vloer ligt terwijl jij binnen komt.

Hieruit blijkt dat de kans op positief effect bij het gebruiken van deze vorm van straffen vrij klein is. Maar wat dan wel?

Negatieve correctie

Laten we nu dan eens kijken naar de andere vorm van straf; het wegnemen van iets aangenaams, ofwel de negatieve correctie. Een voorbeeld van een negatieve correctie is de zogenaamde time out.  Op het moment dat je hond iets doet wat jij als ongewenst ervaart ( let wel, ongewenst gedrag is voor iedereen verschillend ) halen we de hond weg uit de situatie en negeren hem eventjes. Een voorbeeld hiervan is de pup die maar in je broekspijpen blijft happen. Op het moment dat dit gebeurt, neem je hem zonder iets te zeggen mee naar bijvoorbeeld de gang en laat hem daar een paar minuten afgezonderd van sociaal contact. Na enkele minuten mag hij weer uit de gang. Herhaalt het gedrag zich? Dan opnieuw een time out. De hond leert op deze manier dat zijn gedrag iets vervelends oplevert; namelijk afzondering van sociaal contact.

(Let wel, een dergelijke maatregel kan voor sommige honden wel degelijk een hele zware straf zijn. Honden zijn sociaal levende wezens die niet graag afgezonderd worden van contact. Bij het inzetten van deze correctie is het dan ook zeer van belang om goed op je hond te blijven letten en deze methode verdient zeker niet altijd de voorkeur.)

Ok, duidelijk, maar hoe weet hij nu wat goed is?

De opvoeding van een hond stopt natuurlijk niet bij enkel straffen. Om ervoor te zorgen dat de hond gedrag uitvoert dat wij gewenst vinden, zullen we hem dit aan moeten leren. En dit doen we door middel van belonen.

Hoe leert een hond dan?

Een hond leert door ervaringen die hem iets opleveren. Vaak denken mensen dat een hond een ‘will to please’ heeft. Geen enkele hond heeft dit echter. Een hond zal nooit gedrag vertonen dat hem iets oplevert. Dus de hond die braaf de balletjes terug komt brengen doet dit niet omdat hij dit graag wil doen voor de baas, maar omdat hij het zo’n geweldig leuk spelletje vindt. Dus als we nieuw gedrag aan willen leren, zullen we er voor moeten zorgen dat het voor de hond iets oplevert om het gedrag vaker te gaan vertonen.

Positieve bekrachtiging

Deze vorm is de meest gebruikte vorm bij het trainen van honden. Positieve bekrachtiging betekent dat je de hond iets positiefs aanbiedt. Over het algemeen is dit voer. Omdat dit voor honden een sterke stimulans is ( wel moet je soms even zoeken naar datgene wat je hond echt heel lekker vindt ) kun je op deze manier je hond motiveren om gedrag vaker te laten zien. Een voorbeeld is de zit. Op het moment dat jij zit zegt, krijgt je hond dat lekkere voertje. Omdat hij weet dat het gedrag hem iets oplevert, ziet je hond het nut in van het opvolgen van het commando. Nieuw gedrag wordt dus over het algemeen aangeleerd volgens dit principe.

Negatieve bekrachtiging

Onder negatieve bekrachtiging verstaan we het wegnemen of vermijden van iets onaangenaams. Heel vaak wordt dit vooraf gegaan door een positieve correctie. In sommige methodes wordt nog bewust gebruik gemaakt van deze methode. Een voorbeeld hiervan is het aanleren van de zit door op het kontje van de hond te drukken. Een ander voorbeeld is de ruk aan de lijn. Aan beide voorbeelden is een positieve correctie vooraf gegaan ( het drukken op het kontje en de ruk aan de lijn ). Het vermijdingsgedrag dat daarna ontstaat is echter negatief bekrachtigd; de hond gaat snel zitten zodra de hand van de eigenaar in de buurt komt en de hond gaat dicht bij de eigenaar lopen om te voorkomen dat hij de ruk aan de lijn krijgt. Je begrijpt, de hond gaat jou en het opvolgen van commando’s hierdoor niet leuker vinden.

Een ander voorbeeld is het blaffen naar de postbode. Een hond die angstig is voor visite zal middels negatieve bekrachtiging geleerd hebben dat zodra hij blaft, de postbode weer weg gaat. Zijn gedrag heeft tot gevolg dat het onaangename weer verdwijnt.

Over het algemeen is dit niet echt een methode waar de hond beter van wordt op het moment dat het bewust toegepast wordt in een training. Een hond kan echter ook zelf negatieve bekrachtiging toepassen door bijvoorbeeld uit de warme zon te gaan en in de schaduw te gaan liggen. Je ziet, het is een wat ingewikkelde vorm. Als je onthoudt dat ‘negatief’ inhoudt dat je de hond iets ontneemt of de hond iets vermijdt en dat ‘bekrachtiging’ inhoudt dat het gedrag toeneemt, kun je legio voorbeelden verzinnen, maar je zult dan altijd goed moeten kijken naar WAT en WAAROM het gedrag wordt uitgevoerd. Is dit vermijdingsgedrag? Dan speelt angst ALTIJD een rol. Je moet jezelf dus afvragen of dit een methode is die je in het kader van het welzijn van je hond wilt gebruiken.

Vormen van belonen

De beste manier om een hond gedrag aan te leren is zoals eerder gezegd het gebruik van de positieve bekrachtiging, oftewel, het geven van iets aangenaams. Wat de ene hond echter een geweldige beloning vindt, kan de ander niets aan vinden. Elke hond is anders, dus zo is ook de beloning voor elke hond anders. Over het algemeen willen de meeste honden wel graag werken voor voer. Voertjes zijn om deze reden de meest gebruikte beloning bij het aanleren van nieuw gedrag. Sommige honden zijn echter ook gek op een bal of worden lyrisch van een aai. Dat is simpelweg een kwestie van uittesten op je hond.

Belonen en negatieve correctie, altijd voldoende?

Nee niet altijd. Soms kom je in een situatie waarbij het niet werkt om een time out te geven of te negeren en belonen ook geen optie is. Wat doe je dan? Op dat moment gebruik je het aangeleerde Positieve Onderbreking Signaal, de POS. En nee, dat is geen hard geschreeuwde FOEI of NEE, dat is een emotieloos geluidje. Hoe kan het dan effect hebben? Omdat we dit geluidje net als de zit en de af aangeleerd hebben. Op deze manier kunnen we toch ongewenst gedrag stoppen of voorkomen, zonder dat we fysiek moeten ingrijpen en we het vertrouwen van de hond in ons als eigenaar niet verliezen.  Maar onthoud, gedrag voorkomen is ALTIJD beter. Wees dus oplettend en kijk met een vooruitziende blik, “zou mijn hond in deze omgeving in deze situatie iets kunnen doen dat ik niet gewenst vind?” Pas dan je omgeving aan en voorkom dat je hond het ongewenste gedrag kan uitvoeren. Leer hem welk gedrag jij WEL gewenst vindt. Zo voorkom je frustratie en een lege portemonnee vanwege de nieuwe schoenen, tafel en kledingstukken omdat deze met tandafdrukken van je kersverse pup toch niet zo goed bevallen.

Ben je benieuwd naar hoe je op een andere manier om kunt gaan met je hond? Neem dan deel aan een van onze cursussen.

 

Bron:

Kelly van Son
Shiva4Dogs

Geplaatst in Geen categorie